De rol van virussen bij CGS bij de kat

De rol van virussen bij het ontstaan van Caudale Gingivo Stomatitis en informatie over totale extracties bij CGS

 

Virussen en CGS:

  • Calici wordt in bijna alle katten met FCGS aangetoond.
  • De Calici stam die wordt gevonden bij CGS is een ander type dan bij niesziekte.
  • Herpes wordt soms gevonden in katten met FCGS (let op: intermitterende uitscheiding dus niet altijd wordt het virus gevonden). Bij herpes zie je soms ook laesies op de neusspiegel.
  • FIV positieve katten krijgen vaak secundaire orale laesies door slecht immuunsysteem.
  • FELV wordt niet vaak gezien in katten met FCGS.

Het enige wat van belang is als je een virus aantoont: geen cortico’s gebuiken! Het verandert verder niks aan de therapie. Bij een calici positief dier zou wel kunnen verklaren waarom de genezing niet zo snel gaat als je zou verwachten.

De oorzaak van FCGS is dus een combinatie van een reactie van het individuele afweersysteem, de aanwezigheid van tandplak en mogelijk ook de aanwezigheid van virussen.

Onderzoeken over Calicivirussen bij CGS:

  • In 8 op de 10 katten met CGS wordt Calici aangetoond.
  • De tonsillen en peri-tonsillaire mucosa zijn de gebieden waar virus replicatie plaatsvindt.
  • Als je Calici injecteert in gezonde katten, gebeurt er niks. Hooguit krijgen ze een laesie op de tong die vanzelf weer verdwijnt.
  • Het is onmogelijk gebleken om bij gezonde katten CGS te induceren of zelfs maar een chronische Calici drager status te creëren door injecteren van Calicivirus.
  • Katten met CGS die voor de behandeling (totale extractie) Calici positief getest zijn, zijn na de behandeling vaak negatief. Het is niet bekend waarom. Hypotheses kunnen zijn:
    • Als het immuunsysteem niet meer hyperreactief hoeft te reageren (omdat er geen elementen met tandplak meer aanwezig zijn), kan het virussen effectiever bestrijden.
    • Als de ontsteking verdwijnt, blijven er veel minder cellen over waarin het virus zich kan vermenigvuldigen.
    • Misschien kan Calici minder goed worden aangetoond in intacte weefsels.

Wat doe je nu in de praktijk met een kat met CGS:

  • Bloed oz (om te zien of er andere aandoeningen aanwezig zijn die het afweersysteem beïnvloeden), testen op Calici, FIV/FeLV en evt. Herpes. Bij aangetoonde aandoeningen of virussen gebruik ik pre-operatief een injectie amox om op moment van meeste bacteriëmie een zo hoog mogelijke spiegel in het bloed te hebben.
  • Dan een afspraak maken voor gebitsbehandeling om alle plak te verwijderen, full mouth dentale röntgenfoto’s te maken, alle aangetaste elementen te extraheren. Het doel van de gebitsbehandeling is dus om alle mogelijke oorzaken van ontsteking weg te elimineren.
  • Daarna MOET de eigenaar aan homecare gaan doen om te zorgen dat tandplak zo min mogelijk aanwezig is. De eerste dagen na de behandeling wordt er pijnstilling  gegeven en er gaat altijd Chloorhexidine mee (Dentisept of Hexarinse).  Als de eigenaar niet kan poetsen, kan overwogen worden om de kat elke paar maanden onder narcose te brengen voor een gebitsreiniging.
  • Als op de controle-afspraak gezien wordt dat de gebitsbehandeling nog niet voldoende effect heeft gehad, maak dan een afspraak voor een totale extractie. Dit is de meest effectieve behandeling van CGS.
  • Antibiotica kan ingezet worden om de ontsteking tijdelijk rustiger te krijgen. Het effect is echter matig omdat mondflora (ook de goede bacteriën) tijdelijk wordt onderdrukt.
  • Hetzelfde geldt voor cortico’s. Het effect is tijdelijk en gebruik heeft bijwerkingen. Let op: je mag alleen cortico’s geven als je in het bloedonderzoek geen virussen hebt aangetoond. Dus nooit meer eerst medicatie proberen, altijd eerst gebitsbehandeling omdat tandplak de grootste boosdoener is en die moet als eerste verwijderd worden. Anders gezegd: medicatie geven zonder de plak weg te halen is zinloos!

Als je cortico’s wil geven, laat dan de kat elke week laten terugkomen en als je tevreden bent met resultaat (dus als gingiva rustiger zijn geworden), dosis verlagen tot zo laag mogelijke dosis.

Let er op dat als een kat nog op de cortico’s staat, de wondgenezing van de slijmvliezen in de bek vertraagt. Je wil juist een zo snel mogelijke genezing na een totale extractie. Binnen 3 weken na de totale extractie mag je vermindering van de ontsteking verwachten. Pas na 4-6 weken zijn de hechtingen helemaal opgelost en kun je het effect goed beoordelen.

Cijfers over totale extracties:

60% van de katten genezen volledig van hun CGS na een totale extractie.

20% van de katten laat een significante verbetering van de klachten zien.

13% laat een kleine verbetering zien.

7% van de katten laat geen verbetering van de klachten zien na totale extractie.

Bij Gebitskliniek Vondelpark voeren we regelmatig totale extracties uit. Hiervoor mogen patiënten doorgestuurd worden.

Interferon omega (Virbagen):

  • Antivirale, anti-proliferatieve en immunomodulerende activiteit.
  • Er is nog geen wetenschappelijk bewijs dat het gebruik van antivirale middelen effectief is in de bestrijding van CGS.
  • Toedieningsschema volgens Virbac:
    • Submucosale ilfiltratie: 0.5-1 ME verspreidt over de mondholte. Heel oppervlakkig spuiten en liever meerdere injecties dan 1 grote. Op grens van gezond weefsel en de laesie.
    • Verder sc behandelingen: 1 ME/kg per dag, op dag 2,4,6 en 8.
    • In 1 flesje zit 10 MU. (unit= eenheid).